Ik vroeg om krachten en God gaf me moeilijkheden om me sterk te maken.

Ik vroeg om wijsheid en God gaf me problemen om me te leren ze op te lossen.

Ik vroeg om liefde en God gaf me mensen met moeilijkheden om ze te helpen.

Ik vroeg om rijkdom en God gaf me hersenen en spieren om mee te werken.

Ik vroeg om gunsten en God gaf me kansen.

Ik kreeg niets waar ik om vroeg.

Ik kreeg alles wat ik nodig had.

 

Naar Filippenzen 4:4-6