Mijn woorden zijn loos als mijn hart God niet smeekt
Of Hij eindelijk het juk dat zij dragen verbreekt
Als ik niet strijd tegen honger en nood
Want al is het monster nog zo groot
Ik hoef slechts in Jezus sporen te gaan
Hij heeft me alles al voorgedaan

Mijn woorden zijn loos als mijn hart niet beaamt
Dat ik eindelijk moet doen wat een Christen betaamt
Opstaan voor mensen verdrukt en berooid
Zij hebben mij nodig, misschien meer dan ooit
Want ik ben hun broeder, die hun nader is
Omdat hún God, door Jezus, ook míjn Vader is

 

Anne Lies Mossel-de Kievit